tegenstellingen die mogen blijven: over gedichten en de geneeskunde

To be or not to be/ that’s the question / zegt Shakespeare / ik ben ziek / maar ik ben niet mijn ziekte / zegt de patiënt / ik ben huisarts / maar ik ben niet mijn werk / zegt de jonge dokter / zijn / en niet zijn / tegelijk / is  dat niet / echt / de grote vraag

Waarom iets doen met gedichten binnen de geneeskunde? Had het me een jaar geleden gevraagd en ik had gezegd ‘geen idee’. Maar inmiddels ben ik (online) student van het Narrative Medicine programma van Columbia University en heb ik samen andere dokters gedichten gelezen, geanalyseerd en zelf geschreven. Dus nu een poging tot een antwoord op bovenstaande vraag:

Omdat het leven, en daarom de geneeskunde, vol met tegenstellingen zit. Mooi en tegelijk tragisch. Grappig en verdrietig. Het doktersvak dat voldoening geeft maar ook zwaar is. Tegenstellingen die soms lastig te begrijpen en moeilijk te verenigen zijn.

En de biomedische en sociale wetenschappen hebben daar niet altijd een antwoord op. De ethiek en de filosofie hebben er niet altijd een taal voor.

En dan komt de kunst om de hoek kijken. Het kan ook muziek zijn, beeldende kunst, of waar je hart verder naar uit gaat. Maar ik houd van woorden, van verhalen.

En gedichten blijken dan een onverwachte vriend te zijn. Want gedichten zijn open voor interpretatie. Ze kunnen gekke wendingen en paradoxen bevatten. Of een onduidelijk plot hebben. De betekenis laat zich niet makkelijk duiden, maar wordt soms wel zichtbaar als je er samen naar kijkt. Net als in het leven zelf?

Tegenstellingen laten bestaan en er tegelijk woorden aan kunnen geven. Dat is wat ik heb geleerd. Zou het een nuttige klinische competentie kunnen zijn? Ik ga het zien. Ondertussen blijf ik rustig schrijven. Ook omdat ik het gewoon hartstikke leuk vind.